Column - Column verloskundigen
De verloskundige, wat doet ze nou precies? Wat komt er allemaal kijken bij het vak? 3 verloskundigen, uit verschillende delen van het land, houden hier een column bij. Iedere week lees je een nieuwe column van 1 van hen.
Geplaatst op: 09-05-2011
Opklaringen Door Marianne Wigbers
We begonnen met een zonnige dag, zagen grijze wolken naderen en kwamen terecht in een troebele mist. Toen werd alles donker, voor heel eventjes, want daarna waren er onverwacht toch weer zonnestraaltjes die naar binnen glipten. Het klaart op, in mijn hoofd, en in mijn hart.
Het kindje wat mij zoveel hoofdbrekens heeft gekost, gaat nu geboren worden en ik mag mee naar de operatiekamer. Ik volg met verende tred en hoop dat ik niet flauw zal vallen bij het zien van een bloederige operatie, want ik merk dat ik enorme honger heb.
“Fracture Cephale”, ik vind het een grappige vondst en herhaal het een aantal keer, uiteraard niet hardop. Ik zeg het tegen mezelf. Niemand weet hoe ik in de rats heb gezeten. Blij dat ik er nu een grap over kan maken. Dolblij. (Al is het in mijn hoofd.)
Op naar de operatieafdeling. Meelopen tot de rode streep. Daar wordt Sylvia opgevangen door het O.K.-personeel. Ze wijzen mij de kleedruimte voor dames. Ik hoop dat ik een maat extra-large kan vinden. Een beetje wurmen, dan sta ik in het groen. Het past net. Petje op, snoetje voor. Slofjes om mijn schoenen.
Opzij, opzij. Hier komt zuster Annemiek! Welke operatiezaal moet ik zijn?
Gewoon op het geluid aflopen. Zo te horen zit Sylvia tegen de persweeën aan. Sylvia ligt uitgestrekt op de operatietafel. Bloeddrukmeter aan de ene arm. Infuus aan de andere. Iemand is bezig haar bolle buik te ontsmetten met jodium. Iemand staat klaar om haar toe te dekken met groene doeken. Allerlei apparatuur piept en tuut. Ik pak haar hand en puf met haar mee. Als de wee opkomt lijkt het of ze dubbel gaat klappen van de pijn. De banden om haar armen en benen houden haar op de plek.
‘Nog even Sylvia, nog even…’
Daar komt de arts binnen. Het kapje gaat op de neus.
‘Tien negen acht zeven...’
Enige tijd later lees ik een artikel in het ons vaktijdschrift. De casus gaat over een vroedvrouw die schrikt van een bobbelig toucher. Het hele scala aan passerende gevoelens herken ik. De afwegingen die je alleen moet maken. De beslissing om de constatering niet uit te spreken tegenover de barende. Terwijl je zelf het scenario van de ellendige toekomst voor je ziet. Het doel: de vrouw beschermen. Al is het maar voor het moment. Zodat de zware bevallingsklus in ieder geval nog in onwetendheid plaats kan vinden. In het artikel lees ik hoe de vrouw uit haar verhaal wel thuis bevalt. Maar die blijdschap bij het zien van een compleet en gaaf kind. Het is een omschrijving waar ik me volledig aan kan spiegelen. Tijdens het lezen voel ik het hele donkerbruine brood weer passeren. Met aan het eind van het verhaal de zelfde tranen. Het geluk delen met iedereen die blij is dat de bevalling erop zit. Vermengd met de opluchting over de verrassende ontknoping.
Dit verhaal ging over Sylvia, de vrouw die zich in goed vertrouwen overgaf aan de kundigheid van haar vroedvrouw.
Dit verhaal ging ook over die verloskundige, Annemiek, die keuzes moest maken en beslissingen moest nemen.
Dit verhaal eindigde bij het geboren zien worden van een gezonde roze baby. Evelien in dit geval. Evelien ter Horst. Een heerlijk hard huilende Evelien. Een gezonde roze baby, en de wetenschap, het besef, dat niet alle bevallingsverhalen een dergelijke goede afloop kennen. In het laatste shot wordt er ingezoomd op de verloskundige. Ze deed bescheiden een paar stapjes achteruit, bang om het operatiepersoneel in de weg te lopen.
Kijk, daar staat zij, in het groene operatiepak, geen zakdoek bij de hand. Gelukkig is er niemand die dat ziet, want ze heeft een operatiemaskertje voor.
Linneke82 scheef op 14-03-2012 om 09:28:08
Mooie column! En helemaal waar, hier ook geen contractverlenging gehad met een rotsmoes 1,5 week nadat ik kenbaar had gemaakt zwanger te zijn... Wat voel je je dan naar zeg!





