Column - Column verloskundigen
De verloskundige, wat doet ze nou precies? Wat komt er allemaal kijken bij het vak? 3 verloskundigen, uit verschillende delen van het land, houden hier een column bij. Iedere week lees je een nieuwe column van 1 van hen.
Geplaatst op: 14-01-2011
Marianne Wigbers
Regel één bij calamiteiten, ik zeg dit niet hardop, het is een bericht aan mijzelf. Hulp halen, iemand laten opdraven die mij kan assisteren, en ik weet meteen wie.
Edith.
Collega Edith liet mij een aantal jaren geleden zien, wat je doet, bij geval van onverwachte stuitbevalling thuis. Zij belde mij voor assistentie.
‘Kom je me helpen, ik ben bij Joan, het is een stuit. Schiet je op?’
Edith die “schiet je op” tegen je zegt. Het maakte dat ik uit mijn bed vloog en per ongeluk een broek koos die ik niet helemaal dicht kreeg. Ook daarom weet ik precies wanneer het zich afspeelde, het was zeven weken na de geboorte van mijn Anne-Louise en er moesten nog behoorlijk wat zwangerschapskilo’s af.
Joan woonde slechts één wijkje verderop, ik racete met openstaande broekband over de verkeersdrempels en arriveerde juist op tijd om het spektakel te aanschouwen. Terwijl Edith koelbloedig het stappenplan van de stuitbevalling toepaste, keek ik, nog lichtjes nahijgend, toe. Ja, natuurlijk, ik volgde haar instructies braaf op en gaf aan wat ze nodig had. Maar ach, eerlijk gezegd, keek ik voornamelijk toe, met open mond en open gulp.
Joan baarde zonder problemen haar dochter, ook al kwam deze achterstevoren ter wereld, en smeekte direct na de bevalling of ze die middag de huwelijksvoltrekking van haar zus en aanstaande zwager mocht bijwonen. Niemand had gedacht dat ze uitgerekend die morgen zou bevallen.
Ze kreeg permissie van Edith. ‘Tenminste,’ zei ze, ‘als je alleen naar de plechtigheid gaat, niet naar het feest.’ Joan beloofde het, en ik dacht, ja, dat kan ook alleen maar bij zo’n thuisbevalling. Tegen het ochtendgloren je kind krijgen, en in de middag naar een trouwerij.
De te krappe broek mikte ik thuis onder in de kast, volgens mij heb ik hem nooit meer aangehad, de bijzondere gebeurtenis sloeg ik op in mijn brein, om er af en toe aan terug te denken, want tegenwoordig zitten de dochter van Joan en Anne-Louise bij elkaar in de klas.
Listen very carefully, I’ll tell this only once.
Kitty krijgt haar eerste niet-meer-tegen-te-houden perswee. Ik vertel wat er aan de hand is, en wat mijn plannen zijn.
‘O, moet ik dan niet naar het ziekenhuis?’
‘Welnee.’
Pure bluf, ik weet het, maar verder hoeft niemand hier dat te weten. Trouwens, zouden we nu vertrekken, dan bevalt ze halverwege de rit, ik zie het kontje al in de opening verschijnen.
Jörgen geef ik opdracht de kraamverzorgster te waarschuwen. Zelf bel ik Edith.
‘Schiet je op!’
Nu komt het aan op de organisatie. Bij de bevalling van Joan, had Edith haar dwars in bed gelegd, en met de billen door laten schuiven tot het uiterste randje. Verder stonden links en rechts de nachtkastjes om de voeten op te zetten. De perfecte gynaecologische stoel.
Kitty en Jörgen hebben hippe zwarte glimmend gelakte, smalle hoge nachtkastjes. Wat een mazzel. Van de linker haal ik voorzichtig de wekker, een stapeltje boeken, een waterglas en de bril van Kitty. Netjes rangschik ik de spulletjes in de vensterbank. Ik schuif het kastje iets van de wand, op de plek waar ik zo direct de linkervoet van Kitty kwijt wil. Ik vraag Jörgen het zelfde te doen met het nachtkastje aan zijn kant. Hij maait alles in één vloeiende beweging van zijn kastje, en tilt hem zonder dralen zo over het voeteneinde op de plaats die ik aanwijs. Hoppa. Ik ben een halve seconde beduusd van zijn kordaatheid.
‘Dank je.’
Daar schiet me nog iets te binnen.
De hond.
Kordate Edith en honden.
‘Jörg, kan jij jullie hond misschien in de garage of schuur doen, en de voordeur al open zetten. Dan kan Edith meteen doorlopen als ze er is.’
Edith heeft dan misschien de reputatie dat ze met één hand op de rug de meest ingewikkelde bevallingen tot een goed einde brengen, om honden loopt ze liever met een grote boog heen. Zeker de exemplaren zoals de grommende en kwijlende Nero van mijn buren, een rasechte Rottweiler met een schofthoogte van minstens zeventig centimeter.
Het lijkt me het beste als Nero buitenbeeld blijft. Jörgen gaat het regelen.
Als Kitty dwars ligt, met de voeten op de kastjes, een paar kussens in de rug en een extra zeiltje ter bescherming van de vloerbedekking, probeer ik haar het zuchten vol te laten houden tot we gestommel op de trap zullen horen. Het aankleedkussen leg ik ook op bed, de apparatuur voor het grijpen. Alles startklaar om de baby te kunnen behandelen, mocht het nodig zijn om zuurstof te geven of slijm weg te zuigen. Uit mijn verlostas haal ik alles wat ik verder denk nodig te hebben, verdoving, schaar, kochers, navelklem, uitzuigslangetje en ik neem een dextrootje. Kitty bied ik er ook eentje aan, we kauwen tussen twee weeën door de suikershot in ons bloed, de energie die we nodig zullen hebben.
Denk, denk, denk. Heb ik alles? Ik heb warme doeken bij de hand, de steriele handschoenen aan, en een ritselend plastic schort voor.
Kitty zucht met moeite, en ik repeteer alvast de benodigde knieval die hoort bij de ontwikkeltechniek in geval van stuitgeboorte, ooit bedacht en uitgewerkt door de erudiete professor dokter Erich Bracht.
Nero slaat aan, het klinkt gedempt, zo vanuit de garage, maar daardoor weten we, dat de komst van Edith niet lang meer op zich zal laten wachten.
To be continued…
Linneke82 scheef op 14-03-2012 om 09:28:08
Mooie column! En helemaal waar, hier ook geen contractverlenging gehad met een rotsmoes 1,5 week nadat ik kenbaar had gemaakt zwanger te zijn... Wat voel je je dan naar zeg!





