Column - Column verloskundigen
De verloskundige, wat doet ze nou precies? Wat komt er allemaal kijken bij het vak? 3 verloskundigen, uit verschillende delen van het land, houden hier een column bij. Iedere week lees je een nieuwe column van 1 van hen.
Geplaatst op: 22-07-2010
deel 1: oude bekenden Caroline Grootes
Sta ik daar op het terras van het buitenzwembad me af te vragen waar mijn jongste dochter uithangt, word ik geconfronteerd met een heel bekend gezicht, dat ik desondanks niet meteen kan plaatsen. Is het een patiënt (sorry dat ik het zo noem), of is het een collega, is het een moeder van school? Ik weet het niet omdat ze hier niet thuishoort, ik ken haar niet van de zwemles. Als je heel veel gezichten kent, echt heel veel mensen gezien hebt de afgelopen twintig jaar, is de plaats waar je ze verwacht, of juist niet, een belangrijke factor. De verpleegkundigen en kraamverzorgsters kom ik altijd op de werkvloer tegen, en dan dragen zij een witte jas en ik draag mijn verlostas en het ‘grote boek’ (agenda en patiënten administratie) onder mijn arm. Komen we elkaar in burger bij de supermarkt tegen, dan is het even schakelen. Helemaal als ze me in verwarring brengen door zelf opeens hoogzwanger te blijken! Of mijn patiënten staan in plaats van zwanger te zijn of achter de kinderwagen te lopen in uniform achter een balie, om mij kaartjes voor een voorstelling te verkopen. Vice versa verwachten zij mij, hun verloskundige, ook niet in een zwart jurkje met een viool onder mijn kin op het toneel. Toch zit ik daar nu en dan!
Nou wil ik hier niet heel arrogant overkomen en een soort BNer lijken die door iedereen herkend wil worden. Ook zelf zal ik heus niet iedereen meteen herkennen. Maar in het dagelijks leven , in mijn stad waar ik altijd gewerkt heb, word ik herkend en heel vaak zelfs al aan mijn stem alleen! Die is ook wel karakteristiek.
En ik herken mijn dames, iedere keer weer. Jammer voor dat moment vind ik het als ik iemand al lang heb herkend, maar ze mij níet lijkt te herkennen. Dan denk ik dus dat ik me misschien vergis. Of dat ik het zo hoog in mijn bol heb dat ik vind dat zij mij zou moeten herkennen. Waarop ze vijf minuten later in de rij bij de kassa tegen me zegt: je herkent me zeker niet hè? Jawel! Natuurlijk herken ik jullie! Zeker als ik bij de bevalling was, dan weet ik zelfs nog de naam van je kindje.
Het is ongelooflijk fijn om als verloskundige bij zo’n bijzondere gebeurtenis aanwezig te zijn. En het is ook niet vreemd dat een vrouw zich de verloskundige herinnert die haar in haar barensnood heeft bijgestaan. Ik heb met vrouwen gesproken die op hoge leeftijd nog precies wisten wie hen had geholpen. Ik ben blij dat ik meestal stralend wordt begroet, en vrouwen trots tegen hun kinderen zeggen ‘dit is de vrouw die mij geholpen heeft toen jij werd geboren!’ Dat is een heel groot geschenk. Heel grappig is dan het vieze gezicht dat de puberzoon trekt bij het woord ‘geboren’ of ‘bevalling’. Maar er zijn ook bevallingen waar ik met buikpijn aan terug denk, en vrouwen die mij liever niet tegen komen in de supermarkt. Hoeveel liefde en goede bedoelingen ook, ik heb het niet bij iedereen goed kunnen doen.
Nu daar sta ik in het zwembad. Wie is het... Het is in ieder geval iemand van een tijd geleden, maar ze voelt toch heel vertrouwd. Gelukkig komt ze stralend lachend naar me toe: ja... je bent het, ja, ìk ben het..! Ja, denk ik, ik ken jou ook, maar help me, wie ben je ook al weer...
Soraya van Annabella! En van Pauline en Janniek! Ik ben degene die altijd zo lang over tijd ging! Kijk heerlijk zo’n mens, die helpt me tenminste. Haar man komt er ook bij. Niets veranderd! Jij wel! En dan vallen alle puzzelstukjes op hun plaats: de kinderkamer die helemaal beschilderd was met figuren uit Disney’s film De kleine zeemeermin (Ariël). Waar ze woonden, de complicaties die helaas niet ontbraken tijdens deze bevallingen... en het meest de hartelijkheid van deze mensen, die ook weer meteen uit deze ontmoeting spreekt. Zeer verrast ben ik ook weer te horen hoe oud de kinderen alweer zijn. Ik onthoud wel heel veel, maar hoe lang iets geleden is, dat weet ik vaak niet.
Dat de jongste al tien is en de oudste zestien vind ik volledig onvoorstelbaar! Maar er schemert wel iets bij me dat het rond de geboorte van mijn eigen kinderen speelde, en mijn oudste wordt ook al bijna twaalf... Het is wel zo dat vóórdat ik kinderen kreeg, in de tijd dat ik nog met één collega de praktijk runde, de contacten persoonlijker waren en ik vaker meerdere bevallingen van een vrouw deed. Als ik dan om vier uur ’s nachts gebeld werd en hoorde ‘met Jèn, het is begonne...’ dan wist ik dat het die man van die bouvier was en dat ik maar beter snel mijn kleren aan kon schieten want dat ‘Essie’ er geen gras over liet groeien als ze aan haar bevalling ‘begonne’ was.
Soraya is ook nog van die ‘goeie oude tijd’. Dus vraagt ze ‘en hoe is het met Nel?’ Tja, Nel, mijn goede oude collega. Helaas is ze al weer bijna zes jaar geleden overleden. Tweeëndertig jaar was ze verloskundige, tot haar vijfenzestigste verjaardag. Zeven jaar werkte ik met haar samen, een dynamisch werk-huwelijk. Toen ging ze van haar pensioen genieten. Maar ze kreeg niet het pensioen waar ze recht op had gehad na zo’n loopbaan: haar man werd ernstig ziek, zij verzorgde hem twee jaar, hij stierf en later werd ze zelf ziek en stierf op vierenzeventigjarige leeftijd. Sterk en stralend en eigenwijs tot het eind.
Het was leuk dat we een feestje vierden op het terras van het zwembad, want nu was er genoeg tijd om eens even herinneringen op te halen aan de drie bevallingen van Soraya en te horen hoe het gezin reilde en zeilde. Lees de volgende column maar!
Linneke82 scheef op 14-03-2012 om 09:28:08
Mooie column! En helemaal waar, hier ook geen contractverlenging gehad met een rotsmoes 1,5 week nadat ik kenbaar had gemaakt zwanger te zijn... Wat voel je je dan naar zeg!





