Column - Column verloskundigen
De verloskundige, wat doet ze nou precies? Wat komt er allemaal kijken bij het vak? 3 verloskundigen, uit verschillende delen van het land, houden hier een column bij. Iedere week lees je een nieuwe column van 1 van hen.
Geplaatst op: 28-04-2010
Het verbaast me niet als de kraamverzorgster van het bevalcentrum belt dat ‘mevrouw het zwaar heeft’. Ze is nog niet lang binnen, maar het lijkt hard te gaan. Ik heb net een jong stel, dat voor een extra controle naar het ziekenhuis moet, beloofd dat ze met me mee kunnen rijden. Timing! Ik kom nu die kant op! De kraamverzorgster heeft voor Esther een warm bad gemaakt en daar ligt ze in, heftig puffend. Harald, ook verhit, in T-shirt op de rand. Zo werken ‘we’ een tijd hard door. Twee uur later, als ik even weg ben geweest om koffie te halen, zie ik dat als er een wee komt, de buik omhoog gaat. Esther maakt een laag keelgeluid. Ik weet al hoe ver het is. Snel zetten we alles klaar. Harald komt naar me toe. Ik denk dat ze nu echt iets tegen de pijn wil hoor, zegt hij zachtjes. Ik kijk hem aan, schud zachtjes mijn hoofd. ‘Ze krijgt zo haar kind, helpt fantastisch tegen pijn’. Ongeloof en iets van ‘maar we hadden toch afgesproken’ bij Harald. Ik lach, stel hem gerust: als ze niet al heel ver is, regel ik pijnstilling voor haar, maar ik denk dat het niet meer nodig is. Esther wil uit bad en ik zie haar meepersen op de wee. Nauwelijks afgedroogd neemt ze plaats op de baarkruk. ‘Water’ is het commando. ‘Washand’. Je mag meepersen hoor, vertel ik haar. Dat is toch nog even wennen, na al dat zuchten. Maar na een keer of wat krijgt ze de smaak te pakken.Al gauw zien we haartjes. Maar oh, wat is die bocht in het bekken lastig. Het hoofdje komt verder, en zakt weer terug. Twee stapjes vooruit, één stap achteruit. Millimeter voor millimeter. Op de kruk, staand, hurkend, op bed. Ik kan het niet! roept Esther wanhopig. Het hartje van de baby klopt steeds prachtig tussen de weeën door. Het gaat echt goed! Zeggen wij. We zien ‘m al! Nog even! Weer perst Ether uit alle macht. Ik luister, het hartje gaat nu heel langzaam. Geen paniek, zeg ik, de baby zit nu heel diep in het bekken, hij wil er uit! Ik luister weer, de hartslag herstelt zich weer. Nu ga je er voor, kom op, het moet! Harald kijkt me aan, gaat het echt wel goed? De weeënpauze duurt lang. Hoe lang nog, vraag Esther. Nog drie keer, heel hard, ok? Esther pakt haar benen, neemt een hap lucht, we doen allemaal mee en dan komt daar het hoofdje, het wordt geboren, een handje zit er naast, ik haal de navelstreng van het nekje, en daar komen de schoudertjes, en daar glijd het lijfje naar buiten. Kijken! Ogen open! Hier komt je kindje!
Een uur later ligt Sanne nog steeds bloot op Esthers buik. Ik ben net klaar met hechten. Met verdoving hoor! Dat bad hielp echt, verzucht Esther. Maar het had niet nog langer moeten duren. Je hebt het zo snel gedaan... mijn complimenten hoor, zeg ik. Ik ga naar de baby toe. Kijk, ze begint te zoeken, ze wil aan de borst. Ze voelt nog heerlijk warm aan met haar mutsje op en onder de warme doeken op Esthers warme buik. Alle reflexen van de pasgeborene zijn om te overleven, en inderdaad zien we dat Sanne op eigen kracht de tepel weet te vinden, en langzaam begint te zuigen.
Er is de afgelopen jaren heel hard gewerkt om in elk ziekenhuis vierentwintig uur per dag een arts en een anesthesist beschikbaar te hebben, zodat iedere barende vrouw een epiduraal (ruggenprik, verdoving) kan krijgen als zij dat wenst. Veel vrouwen spraken uit dat zij vonden dat zij hier RECHT op hadden. Hoewel er soms een tweede keer opnieuw geprikt moet worden geeft een epiduraal een zeer volledige verdoving, een echte ‘time out’ tijdens de ontsluiting voor de barende vrouw. Hierdoor kan er langer afgewacht worden, wat in heel wat gevallen toch in een vaginale bevalling resulteert, en dus niet in een keizersnede.
Gelukkig is deze optie nu vrijwel overal continue beschikbaar. Met als gevolg dat de keerzijde weer wat onderbelicht is. Een epiduraal betekent namelijk ook een overdracht aan de gynaecoloog, een ingreep in het natuurlijke proces, en het risico op complicaties. Meer kans op de noodzaak van weeënstimulatie, meer kans op stress bij de baby, soms lang wachten op persdrang als bij volledige ontsluiting de epiduraal weer uit wordt gezet, meer kans op een kunstverlossing (vacuümverlossing), meer kans op couveuseopname van de baby, meer kans op complicaties bij de moeder. Een veel voorkomende complicatie is bijvoorbeeld het niet meer kunnen plassen na een epiduraal, zodat een catheter moet worden geplaatst.
Maar er zijn buiten de ruggenprik nog twee bewezen effectieve middelen tegen baringspijn. Die hebben bovendien een positieve invloed op het baringsproces en brengen geen complicaties met zich mee. Ik zou willen stellen dat iedere zwangere daar óók recht op heeft. Het zijn de begeleiding en continue aanwezigheid van een hulpverlener (liefst de eigen verloskundige, geassisteerd door een kraamverzorgster) en het gebruik van (warm) water, bijvoorkeur een bad. Zwangeren: eis je recht op! Je recht op deze twee goedkope, veilige pijnstillers!
Linneke82 scheef op 14-03-2012 om 09:28:08
Mooie column! En helemaal waar, hier ook geen contractverlenging gehad met een rotsmoes 1,5 week nadat ik kenbaar had gemaakt zwanger te zijn... Wat voel je je dan naar zeg!





