Column - Column verloskundigen
De verloskundige, wat doet ze nou precies? Wat komt er allemaal kijken bij het vak? 3 verloskundigen, uit verschillende delen van het land, houden hier een column bij. Iedere week lees je een nieuwe column van 1 van hen.
Geplaatst op: 01-04-2010
door Caroline Grootes.
Wie durft een barende vrouw alleen te laten? Ik niet! Of is haar overlaten aan de zorg van haar goed geïnformeerde liefdevolle partner toch in feite haar alleen laten? Met andere woorden: heeft iedere vrouw met weeën recht op continue aanwezigheid van een professional?
Vroeger, in die goeie oude tijd, kwam de kraamverzorgster als de bevalling begonnen was en bleef ze tien dagen, volgens mij zelfs dag en nacht. In de ruim twintig jaar dat ik nu verloskundige ben is de duur van de kraamverzorging drastisch ingeperkt. Maar daar komt men nu op terug: want te weinig zorg kan lichamelijke en psychische klachten als gevolg hebben, klachten die kunnen leiden tot ziekte en complicaties, en complicaties kosten geld.
En we proberen te besparen nietwaar.
Daarom heeft de Stuurgroep Zwangerschap en Bevalling een rapport uitgebracht met een advies voor de minister. In dit rapport staan zeven punten ter aanbeveling, met als doel de perinatale sterfte (sterfte rondom de geboorte) in Nederland terug te dringen en de kwaliteit van de verloskundige zorg te verhogen. Behalve dat het moeder en kind centraal stelt, stelt het ook in punt 6 dat ze niet meer alleen gelaten mogen worden als de bevalling begonnen is.
De drukinkt van het rapport was nog niet droog of ik werd gebeld door een kraamcentrum: of ik een scholing aan hun kraamverzorgsters wou komen geven. ‘Vroegtijdige assistentie bij de bevalling’ heette de scholing. Ja, zei men, dit liep vooruit op het feit dat hun kraamverzorgsters nu weer veel eerder bij de bevalling aanwezig zouden zijn dan de laatste jaren het geval was geweest. Want dat gaan jullie (verloskundigen) toch echt doen hè? Nou, ik wilde wel! Eerder bellen voor bevallingsassistentie èn de scholing geven.
Twee keer gaf ik twee uur les aan een groep van twintig kraamverzorgsters die stonden te popelen om weer echt van het begin tot het eind bij een bevalling te zijn, in plaats van op het (te) laatste nippertje. De oude rotten in het vak blij met het echte werk, de band die opgebouwd wordt met de kraamvrouw en het gezin als je bij de bevalling bent en daarna daar ook kraamt. De jonge pas afgestudeerden enthousiast maar ook wat zenuwachtig over wat ze te wachten stond en hoe ze dat vorm moesten geven.
Ik had pas nog een prachtig voorbeeld van vroegtijdige aanwezigheid bij de bevalling en optimale samenwerking tussen kraamverzorgster en verloskundige meegemaakt. Ik werd om vijf uur ’s ochtends wakker gebeld door Emily dat ze al vier uur weeën had, die nu om de vier minuten kwamen en flink pijnlijk waren. Ze moest er soms van overgeven. Zo was ik om half zes aanwezig, dat was bij vier cm ontsluiting. Meestal is dit ongeveer het begin van het onderdeel van de bevalling dat we de actieve fase noemen: het gaat nu echt doorzetten, er is geen weg meer terug, het stopt niet meer. Kortom, het echte werk. Tja wat doe je dan als verloskundige: terug naar bed? Eigenlijk ben je nu toch wakker. Visites rijden? Nee te vroeg. Blijven en ontbijten dan maar!
Om negen uur het kraamcentrum ook maar gebeld, vaak duurt het één uur voordat de kraamverzorgster er is. Ik zei dat het nog geen spoed was. Maar twintig minuten later had ik kraamverzorgster Roos voor de PA (partus assistentie): bevallingsassistentie. In de uren die nog volgden wisselden we elkaar af met bij de barende zitten, het bad vol laten lopen, broodjes smeren, theezetten en het echte coachwerk. Haar man Robert in de gaten houden, of hij het nog trok. Praten: je kunt het, het gaat goed, probeer eens dit, we ademen met je mee. Ook toen het even heel erg tegenviel, toen er acht cm ontsluiting was en al persdrang, en een uur later nog steeds hetzelfde, konden we samen net die woorden vinden, die motiverende en geruststellende kracht om Emily door het dal te helpen en het verlossende moment van volledige ontsluiting binnen te loodsen. Waarna ze ons weer verraste door met een verbeten blik in haar ogen binnen een half uurtje haar zoon Oliver er uit te persen.
Het gaf niet dat het toen inmiddels één uur ’s middags was, we waren allemaal in de juichende roes van overwinning en dankbaarheid, om de prachtige afloop van onze gezamenlijke inspanningen en het geluk van een gezonde zoon voor deze mensen.
Ik gebruikte deze casus in mijn scholing als voorbeeld. Een bevalling die een klus was en toch voor iedereen een positieve ervaring. Het optimale teamwork van kraamvrouw, partner, kraamverzorgster en verloskundige. Dat dit niet altijd vanzelfsprekend is, daar heb ik ook van geleerd.
Tussen de kraamverzorgsters waar ik de scholing voor verzorgde zat ook een herintreedster die ooit bij mij bevallen was, heel lang geleden. Een bevalling waar ik nou niet bepaald met tevredenheid op terug keek. Dat Gerrie dat ook niet deed, wist ze me vlot duidelijk te maken toen we elkaar bij toeval weer tegen kwamen, nu als verloskundige en kraamverzorgster bij een bevalling van een Japanse vrouw uit mijn praktijk. Omdat de barende heel erg in zichzelf gekeerd was en zelfstandig haar weeën opving, was er ruimte voor een gesprek tussen deze kraamverzorgster en mij. Ik prees haar dat ze kraamverzorgster was geworden, en zij nam geen blad voor de mond hoe vreselijk ze het had gevonden dat ik bij haar bevalling was geweest. Ik verraste haar door te vertellen dat ik nog precies wist waar ze het over had, en hoe het voor mij was geweest. Dat was voor haar reden om daar naar te vragen, want dat had ze eigenlijk nooit gedaan. Ze had er gewoon nooit meer met mij over willen praten. Daar kreeg ik nu opeens een herkansing voor.
Ik was indertijd nog niet zo lang bezig in de praktijk van mijn veel oudere ervaren collega Nel, die Gerrie’s eerste bevalling had gedaan. Gerrie wilde opnieuw Nel bij haar bevalling, vertelde ze me, maar ik had dienst. Toen ik kwam was ze in paniek door de weeën-storm die ze had. Ik wist niet hoe ik haar moest bereiken. Ik probeerde het met streng en boos op te treden. Het effect daarvan was averechts. Hoe boos was Nel wel niet op me geweest toen Gerrie haar vertelde hoe vreselijk ze me had gevonden! Nel was niet iemand die me in bescherming nam of een blad voor de mond nam. Ze gaf ongezouten haar mening en was niet mals met haar kritiek. Maar ze kon die ook wel relativeren, ze hoorde immers bijna altijd heel andere geluiden van onze kraamvrouwen over mij.
Ondanks de vele jaren die verstreken waren sinds deze bevalling, was het voor ons beiden een heftige ervaring elkaar recht in de ogen te kijken en te constateren ‘ja zo is het gegaan’, het was niet goed, niet fijn, maar hier staan we beiden als vrouwen met veel meer bevallings- en levenservaring dan destijds, en nu kunnen we samenwerken. We konden allebei ons verhaal doen, en de omstandigheden evalueren. De Japanse baarde haar tweede kind in een van de zeldzaamste liggingen: de aangezichtsligging. Dit lukt bijna nooit spontaan thuis! Ik was blij dat ik nu aan Gerrie kon laten zien dat ik lief, kundig, en doortastend kon zijn en met succes deze vrouw kon begeleiden, ondanks taal- en cultuurbarrières en verloskundige verrassingen.
Zij was inmiddels een adequaat kraamverzorgster die van aanpakken wist.
Daar zat ze in de zaal, tussen de andere collega’s. Ze had me vriendelijk begroet. Niet zonder enige scepsis keek ze hoe ik dit deed. Af en toe fluisterend met de collega naast haar. Een enkele opmerking, een spottend steekje onder water. Terwijl ik vertelde over hoe je een kraamvrouw gerust kunt stellen, haar bij zichzelf laat zijn, in haar weeën kan laten duiken. Hoe je met je aanwezigheid de rust die nodig is om te bevallen kunt creëren. En wat te doen als de baby onverhoopt geboren dreigde te worden terwijl je de verloskundige nog niet gebeld had... Dat vonden ze allemaal het spannendste. Maar Gerrie en ik wisten inmiddels wat we aan elkaar hadden, een blik van verstandhouding was genoeg. We vertrouwden elkaar weer.
Ik eindige de scholing met het voorlezen van een column (van deze site) van mijn collega Marianne: LOI cursus bevallen. Een prachtverhaal waar iedereen erg om moest lachen.
Linneke82 scheef op 14-03-2012 om 09:28:08
Mooie column! En helemaal waar, hier ook geen contractverlenging gehad met een rotsmoes 1,5 week nadat ik kenbaar had gemaakt zwanger te zijn... Wat voel je je dan naar zeg!





