Column - Column verloskundigen
De verloskundige, wat doet ze nou precies? Wat komt er allemaal kijken bij het vak? 3 verloskundigen, uit verschillende delen van het land, houden hier een column bij. Iedere week lees je een nieuwe column van 1 van hen.
Geplaatst op: 06-02-2010
door Marianne Wigbers
Sneeuwjachtvoorspellingen voor deze zaterdagavond de negende januari, we schrijven het jaar tweeduizend-en-tien. Elektriciteit uitgevallen in grote delen van Nederland, gladde wegen, donkere tijden. Sneeuwjacht: Het verschijnsel waarbij de striemende wind de sneeuw zo hard in de rondte blaast dat die overal tussen kruipt, het zicht belemmert en er sneeuwduinen ontstaan, door diezelfde wind voelt het striemend koud aan: lokaal kan de gevoelstemperatuur zakken tot min vijftien.(-15)
Vrij weekend, lekker voor het raam zitten, en de sneeuw om het huis zien waaien. Tot er een smsje van Femke binnenkomt. Ik verneem een berichtje over twee dames met weeënactiviteit. Ze dreigen gelijk op te gaan. Evelien in de Gelrestraat en daar vlakbij Franceska op de Merwedelaan. In mijn retoursms druk ik Femke op het hart niet door de sneeuw van de ene naar de ander te racen.
-Stuur mij!:)-
Ik wil naar Franceska, al vanaf de kerst aas ik op haar badbevalling. Zomer 2005 en voorjaar 2007 werden de dochters Maaike en Lotte te water gelaten, twee onvergetelijke badbevallingen. Deze maal hartje winter is er een zoon opkomst. Ver voor de feestdagen propte ik voor de zekerheid alvast een mouwloos T-shirt in mijn verloskoffer, in het kader van ‘beter mee verlegen dan omverlegen’ maar onze praktijk beleefde een extreem rustige kerst en een saaie jaarwisseling.
Laat ik mijn jubileumjaar goed beginnen met deze Nieuwjaarsduik van de baby van Franceska en Harm.
De sneeuw is opgewaaid tot halverwege de voordeur, de voetstappen in de verse sneeuw lopen in een rechte lijn van mijn auto naar het huis. Harm zag me aankomen en de deur zwaait al open.
‘Brrrr.’
En ik sla het sneeuw van mijn jas en stamp het uit de profielen van mijn wandelschoenen. We wisselen wat Hollandse weersomstandigheden uit terwijl hij één van mijn tassen overneemt. Franceska loopt op blote voeten rondjes door de huiskamer, ze heeft net een wee. Mijn lompe schoenen laat ik onder de kapstok achter en op kousenvoeten loop ik een rondje met haar mee. Ze heeft een grote blauwe badjas aan, het haar in een slordig staartje, rode wangen, korte kleine stapjes op de tenen, déjà vu. Als de wee afzakt, steun ze op de rugleuning van de bank, blaast een keer heel lang uit en komt weer tot zichzelf. Ze kijkt me aan, alsof ze me nu pas opmerkt. Er trekt meteen een brede grijns over haar gezicht.
‘Jij weer, ik hoorde het al van Femke, twee tegelijk.’
We moeten alle drie lachen.
‘Het heeft zo moeten zijn. Heerlijk! Waar staat je bad?’
Ik stroop er demonstratief mijn mouwen bij op en maak een zwembeweging.
We gaan eerst naar de slaapkamer, waar ik tot ons aller verbazing bijna acht centimeter toucheer. Hoogste tijd om in bad te stappen. Vanwege een aantal interne verhuizingen en aanpassingen voor de komst van het derde kind hebben ze het bevalbad deze keer in de kleine babykamer opgesteld. Als ze de deur voor me opendoet komt een vochtigwarme saunadamp me tegemoet. Als ze het licht aan doet baden we in het blauw. Hier is na twee dochters een zoon opkomst, op de accessoires is niet beknibbeld. Stoer blauwgeruit behang op de ene muur, fel effenblauw op de andere drie, het is prachtig. Tezamen met het enorme bevalbad met lichtblauwe rand en bodem is alles geheel in harmonie.
Buiten vriest het min tien, binnen stoomt het rond de 25 graden in de plus. Mijn vest gaat uit en ik vis het licht verkreukelde mouwloze T-shirt uit mijn verloskoffer. We bellen voor een kraamverzorgster en ik sms Femke de stand van zaken. Ons beider bevallingen schijnen nog altijd gelijk op te gaan, alleen haar kraamhulp is halverwege de reis omgekeerd, ze durfde de rit van de ene kant van de polder naar de uiterste andere kant niet aan.
Hier aan de Merwedelaan zet ik alles rond het bad klaar en wacht rustig op de dingen die komen gaan. Harm is in de weer met camera en statief, Franceska zit op handen en knieën in het warme water. In de badkamer vind ik een klein plastic IKEA-opstapje, ook blauw, ik schuif het in het hoekje naast het bad en zijg neer. Rust en stilte in blauwe kalmte. Krachtiger en sneller op elkaar komen en gaan de weeën.
In de weeënpauzes halen Harm en ik herinneringen op. We vergelijken de bevallingen van Maaike en Lotte. Franceska mengt zich af en toe in de conversatie. We lachen om kraamverzorgster Annie, zij assisteerde bij de geboorte van Maaike. Onze Annie, geboren en getogen op Texel, kon in iedere zin wel een keertje ‘Lieverd’ of een paar keer ‘Meid’ zeggen. Woordjes die door haar West-Friese tongval meer als ‘liefurt’ en ‘mait’ klonken. Zuster Annie, ondanks haar grijze paardenstaart en smetteloos witte uniform, een kleurrijk persoon. Annie die met ons, in haar vijfenvijftigste levensjaar, haar allereerste waterbevalling meemaakte.
‘Mait, liefurt, ik heb nog nooit zoiets moois gezien, oooho, mait, mait, mait, wat mooi.’
We lachen om mijn perfecte imitatie en verzuchten alle drie dat we het jammer vinden dat ze terug ‘geëmigreerd’ is naar haar geliefde eiland.
We praten zachtjes en vallen stil iedere keer als we zien dat een volgende wee zich aandient. Af en aan komen de weeën, onze gesprekjes worden korter en korter. Franceska praat niet meer mee.
Aan de ademhaling te horen voelt ze het drukken. Ik wil weten of ik de vliezen kan breken, en dan gebeurt het al vanzelf. Franceska vraag hoe ze moet gaan liggen, of ze naar de zijkant moet drijven. Ik zeg dat ze in het midden mag blijven. Recht voor de camera.
‘Vandaag mag je het helemaal zelf doen..’
-wordt verolgd-
Linneke82 scheef op 14-03-2012 om 09:28:08
Mooie column! En helemaal waar, hier ook geen contractverlenging gehad met een rotsmoes 1,5 week nadat ik kenbaar had gemaakt zwanger te zijn... Wat voel je je dan naar zeg!





