Column - Column verloskundigen
De verloskundige, wat doet ze nou precies? Wat komt er allemaal kijken bij het vak? 3 verloskundigen, uit verschillende delen van het land, houden hier een column bij. Iedere week lees je een nieuwe column van 1 van hen.
Geplaatst op: 28-11-2009
Caroline Grootes
Als een sprookje zo mooi: Tess die direct na de geboorte van haar dochter Tatjana recht op ging zitten, haar in haar armen nam en aan haar borst legde. Tatjana die meteen de tepel pakte en begon te zuigen. Ik heb het gezien. Maar in het leven gaat het niet altijd zoals in dit sprookje! Hoe graag een moeder ook borstvoeding wil geven, soms lukt het helemaal niet. Hoe natuurlijk het allemaal ook lijkt. Vrijwel iedereen kan borstvoeding geven, maar voordat dit lukt wordt menig strijd gestreden. Het adagium van de Week van de Borstvoeding van dit jaar was: Borstvoeding, de moeite waard. Dat vinden eigenlijk alle moeders die er moeite voor doen en alle hulpverleners die samen met hen de problemen proberen op te lossen. Velen kennen inmiddels ook de lactatiekundige, de borstvoedingsexpert. Naast verbeterde boeken en informatiebijeenkomsten voor aanstaande ouders zijn ook de trainingen voor de hulpverleners geïntensiveerd en aangepast aan de nieuwste inzichten over borstvoeding geven. Er is veel gekeken naar de natuurlijke mechanismen die bij moeder en baby aanwezig zijn, hoe borstvoeding werkt, waarom en wanneer het goed gaat of niet. Eén van de inzichten betreft de aangeboren reflexen van de baby. Graag vertel ik wat over de testjes die we bij de baby doen als hij geboren is, de Apgar-score, en de reflextesten en hun relatie tot borstvoeding.
Als een baby net geboren is, en één minuut oud, dan doen wij hulpverleners altijd even de zogenaamde Apgar-score: kort gezegd: doet ie het of doet ie het niet? Een Amerikaanse kinderarts, Virginia Apgar bedacht deze test: voor ademhaling, hartactie, kleur, tonus en prikkelbaarheid kan de baby nul, één of twee punten krijgen. Als je baby alles optimaal doet, krijgt hij voor elk daarvan twee punten, opgeteld een tien. Dan is hij of zij in optimale conditie. Als een baby in goed conditie geboren wordt krijgt hij meestal een ‘negen’, hij moet dan nog een beetje bijkleuren, na vijf minuten is hij roze en heeft hij een tien. Eigenlijk zie je het meteen, ‘of ie het doet’, je gaat pas echt tellen als dat niet het geval lijkt te zijn. Een wat slappe, bleek-blauwe baby die niet goed doorademt maar wel reageert op prikkels, krijgt dan bijvoorbeeld een zeven. De Apgarscore wordt afgenomen na één, vijf en tien minuten. Alleen een baby in optimale conditie kan aan de borst gaan drinken. Als de baby vervolgens verder nagekeken wordt, bekijken we nog een aantal reflexen. Als je baby schrikt, doet hij de Moro-reflex: beide armpjes symmetrisch wijd naar buiten en terug. Als je hem rechtop houdt, laat ‘staan’, stapt hij met een voet omhoog (opstapreflex). Leg je hem op zijn buik, dan ‘kruipt’ hij (met armen en benen) en tilt hij zijn hoofd op. Hij kan zijn hoofdje ook draaien, naar opzij. De handjes én de voetjes hebben een grijpreflex. Het leuke is dat de baby al deze reflexen in kan zetten om de borst van zijn moeder te vinden. De zoek- en zuig- en slikreflex van het mondje kennen natuurlijk al voor dit doel. Maar dat de andere reflexen daar ook voor dienen leerde ik van een Engelse verloskundige die hierover sprak op een symposium in België. Suzanne Colson promoveerde op het onderwerp Biological nurturing, waarin ‘borstvoeding weigeren’ (latch refusal) wordt opgelost door ‘laid-back’ breastfeeding. Zij toonde aan met een onderzoek, geïllustreerd door video-opnames, dat een baby die de borst weigert in de gebruikelijke houdingen gefrustreerd wordt in zijn reflexen. Maar als de moeder ontspannen achterover leunt en de baby op zijn buik op haar ligt, liefst zo bloot mogelijk op de blote buik en borst, kan hij wél gebruik maken van zijn reflexen en zelfstandig de borst vinden en gaan drinken. Je baby wordt zo gesteund door jouw lichaam. In de ‘kikkerhouding’ (opgetrokken knietjes) is de zuurstofvoorziening in de baby maximaal. Bij het in buikligging aan de borst liggen gaat de kin van de baby ook automatisch naar voren, zijn tong naar buiten en is het neusje altijd vrij, allemaal de meest wenselijke condities voor goed aan de borst drinken. Voor jou als moeder is de houding ook ontspannen en je kan je baby goed zien.
Het leuke van mijn werk is dat je het geleerde vaak meteen in de praktijk kan brengen. Terwijl ik vroeger geleerd heb de moeder en de baby meteen te helpen met aanleggen, probeer ik nu wat langer te wachten, en te kijken of het de baby zelf lukt de borst te vinden. Wat veel moeilijker blijkt te zijn, maar wel veel leuker! Het duurt namelijk soms veel langer, dat hij het zelf gaat doen. Maar als ik de baby aanleg, maak jou als moeder en je kind meteen afhankelijk van mijn hulp, terwijl jullie het samen zullen moeten gaan doen!
Bij de Engelse Sarah legde ik haar zoon meteen na zijn geboorte op zijn buik op haar buik. Na het afdrogen en toedekken met warme doeken keek hij heel wijs rond met zijn donkere kijkers. Terwijl ik de geboorte van de placenta verzorgde en het hechten, lag hij daar heerlijk vlak bij de borsten. Het duurde zeker drie kwartier voor hij begon te zoeken. Hij tilde zijn hoofd op, ‘bonkte’ ermee heen en weer, hapte, en ‘kroop’ omhoog. Het was heel erg leuk de reflexen te observeren en aan de ouders uit te leggen. Maar na anderhalf uur had de kleine Tom de tepel nog niet te pakken...Toen konden we het niet laten hem toch naast Sarah te leggen, allebei in zijligging naar elkaar toe. Daar lag hij met z’n mondje vlak voor de tepel. Weer liet ik hem zijn gang gaan. En maar happen, ik vond het bijna zielig! Maar hij huilde niet, bleef heel wakker en alert. Ik liep even weg om wat op te schrijven, en toen ik terug kwam lag hij te drinken. Sarah zei zachtjes ‘ik wilde wel juichen en je roepen..maar ik was bang dat hij zou schrikken..!’ Ik juichte geruisloos voor haar en haar knappe zoon!
Omdat aanlegproblemen tot de meest voorkomende redenen behoren waarom moeders stoppen met borstvoeding, is het fijn weer een mogelijkheid achter de hand te hebben om uit te proberen als het niet lukt. Maar misschien is de beschreven methode wel een goede manier om aanlegproblemen niet slechts op te lossen, maar juist te voorkomen. Het is veel waard dat breastfeeding niet breastfighting wordt.
Linneke82 scheef op 14-03-2012 om 09:28:08
Mooie column! En helemaal waar, hier ook geen contractverlenging gehad met een rotsmoes 1,5 week nadat ik kenbaar had gemaakt zwanger te zijn... Wat voel je je dan naar zeg!





