Nieuws: Q koorts
Q koorst gevaar voor zwangeren.
Q koorts komt in Nederland steeds vaker voor. Ging het tot 2007 nog om gemiddeld 15 gevallen per jaar, sindsdien is het aantal fors gestegen.
In 2007 ging het om 170 gevallen en de eerste helft van 2008 zijn er al meer ziektegevallen gemeld.
Q koorts wordt overgedragen van kleine herkauwers (geiten, schapen) en in mindere mate koeien op de mens.
De urine, ontlasting, melk, moederkoek, vruchtvliezen en het vruchtwater van geïnfecteerde dieren zijn besmettelijk.
Vooral tijdens een miskraam of geboorte vindt veel uitscheiding van de bacterie plaats.
In veel mindere mate kan de bacterie ook in de mest van de dieren voorkomen. In gedroogde toestand overleeft ze langer en kan zelfs meegevoerd worden door de lucht en zo weer nieuwe besmettingen veroorzaken.
Het RIVM heeft de gemeenten Bernheze, Landerd, Uden en Oss aangewezen als de kernen van besmetting, maar ook elders komen besmettingen voor.
Het geinfecteerde dier is meestal niet ziek. Bij (vooral)geiten kan het een miskraam of vroeggeboorte veroorzaken.
De ziekte wordt niet van mens op mens overgedragen. Je kunt dus niet ziek worden van contact met een mens die Q koorts heeft
of veel in contact komt met (mogelijk besmette) schapen of geiten.
Mensen worden vaak ook niet echt ziek na besmetting, soms ontstaan klachten als een lichte griep. Maar de ziekte is wel gevaarlijk voor de ongeboren vrucht.
Aan zwangere vrouwen wordt het advies gegeven om contact met schapen en geiten te vermijden tijdens en een paar weken na het lammeren, zeker als er zich bij het lammeren problemen hebben voorgedaan. Ook kleding van mensen die met deze dieren werken, kan besmet zijn met de bacterie.
Q-koorts komt voor in heel Nederland maar de kans op besmetting met Q-koorts is heel klein.
Zwangeren lopen vooral risico in de periode december tot maart, als lammeren (schaap of geit) of kalveren geboren worden en de zwangere
direct contact heeft met deze dieren.
Als je wel besmet raakt is er een (hele kleine) verhoogde kans op vroeggeboorte of een miskraam.
Zwangeren die ziek zijn met koorts, hoofdpijn en longklachten, kunnen bij de huisarts nagaan of de klachten passen bij Q-koorts. De huisarts kan beslissen of nader bloedonderzoek nodig is en bepalen of er inderdaad sprake is van Q-koorts.
Zonodig kan de huisarts antibiotica voorschrijven.
Bron: RIVM






