Adrenaline: hormoon dat weeën remt
Adrenaline remt oxytocine. Daar oxytocine van uiterst belang is bij het vlot verlopen van de bevalling, is het dus zaak zo min mogelijk adrenaline in je lichaam te hebben tijdens de bevalling. Normaal gesproken stijgt je adrenalinespiegel ‘s morgens. Je hebt dit nodig om goed de dag door te komen en alert te reageren op allerlei omstandigheden.
Maar bij een bevalling kun je adrenaline absoluut niet gebruiken.
"Bij een bevalling kun je adrenaline absoluut niet gebruiken."
Zodra je adrenalinegehalte stijgt, neemt je oxytocinegehalte af, met als gevolg het afnemen van de weeën en het langer duren van de bevalling.
Er is bijvoorbeeld bekend dat bij wilde dieren die aan het bevallen zijn, de weeën stoppen als er gevaar dreigt. Zo kan het barende dier zich in veiligheid stellen en pas als het veilig is komen de weeën weer op gang. Dit gebeurt allemaal doordat bij stress de adrenaline stijgt. Zodra de veiligheid er weer is neemt de adrenaline af en kan de oxytocine weer zijn werk doen. De adrenalinespiegel stijgt bij:
- kou (trek een paar sokken aan en zorg voor een warme omgeving);
- teveel afleiding;
- onvoldoende privacy;
- onrustige mensen;
- teveel praten;
- schrikken;
- veel licht (overdag is je adrenaline spiegel immers hoger dan ‘s nachts);
- je geremd voelen (gooi alles los en probeer je niet groot te houden);
- zelfmedelijden;
- teveel nadenken;
- verplaatsen (bij te vroeg verplaatsen van thuis naar het ziekenhuis, kan de autorit verstorend werken waardoor de weeën afnemen);
- schaamte;
- teveel nadenken (de bevalling is een instinctief gebeuren, laat alles los en ga mee met de stroom. Je kunt er niets aan veranderen of verbeteren. Je kunt het hooguit belemmeren door teveel te tobben of teveel te proberen het goed te doen);
- onveilig voelen.






